Slechts helft Nederlanders sport nog wekelijks: 4 motivatietips

Slechts helft Nederlanders sport nog wekelijks: 4 motivatietips

20 mei '22 • Door MyGo redactie

De coronapandemie heeft een negatief effect gehad op de mate waarin we sporten. Afgelopen jaar stopten maar liefst 800.000 Nederlanders met wekelijks sporten. Na iedere ‘lockdown’ is de sportdeelname teruggelopen, blijkt uit een onderzoek van NOC-NSF. Een verontrustende ontwikkeling, aldus de sportkoepel: weinig bewegen is één van de belangrijkste oorzaken van depressies, obesitas en hart- en vaatziekten.

Lockdowns waren bepalend

De jaarlijkse rapportage van sportkoepel NOC-NSF maakt pijnlijk duidelijk dat Nederlanders nog altijd beduidend minder bewegen dan vóór het coronatijdperk. Uit het onderzoek blijkt tevens dat het tweede pandemiejaar nóg schadelijker voor het beweeggedrag is geweest, dan het eerste coronajaar. Zowel de deelname aan sport daalde voor het tweede jaar op rij, alsook de frequentie waarin we sportten. Het aantal Nederlanders dat vorig jaar wekelijks intensief bewoog, nam met 800.000 mensen af ten opzichte van 2020, dat ook al door corona werd beheerst.

Nederland is door de pandemie letterlijk tot stilstand gebracht, aldus de NOC-NSF. De lockdowns speelden daarbij een cruciale rol. Tijdens iedere lockdown is de sportdeelname teruggelopen: de beperkende maatregelen zorgden er namelijk voor dat teamsporten werden afgelast, en sportscholen hun deuren noodgedwongen op slot moesten draaien. Terwijl Nederlanders die regelmatig sporten dat tijdens de eerste lockdown zelfs vaker deden, daalde in de beide lockdowns van afgelopen jaar ook de bewegingsactiviteiten onder hen.

Vooral zorgelijke ontwikkeling bij jeugd

De daling onder volwassenen blijkt nu het sterkst: van 60 procent actieve sporters in het jaar ervoor naar 54 procent in 2021. De grootste klap bij de jeugd (tussen 5 en 18 jaar) viel al in 2020. Onder hen liepen de percentages in het eerste coronajaar terug van 78 naar 68 procent. Een jaar later zakte dat naar 65 procent. Qua opleidingsniveau blijkt dat de categorie ‘middelhoog opgeleid’ de meeste afhakers kent: die zakten in 2021 van 61 procent aan wekelijkse sporters naar 53. Bij de lager opgeleiden liep dat percentage terug van 48 naar 42 procent. Omdat relatief meer hoger opgeleiden vooral individueel bleven sporten, was de daling (van 69 naar 66 procent) bij deze groep het minst sterk.

De sportkoepel ziet de neerwaartse trend met lede ogen aan, en constateert een enorme ‘beweegachterstand’ in Nederland. Uit de onderzoeksresultaten blijkt bovendien dat de weg terug omhoog ook nog niet is ingezet. Met name het effect op jongeren is volgens NOC-NSF zorgwekkend: na de coronacrisis verkeren we nu in een beweegcrisis, is haar zorgelijke conclusie. Minder sporten leidt onder meer tot problemen in de bloedvaten, stuggere longen, en meer risico op dementie en depressie. Die klachten staan grotendeels nog los van de problemen die samenhangen met obesitas.

Het tij keren

Voor wie het sporten eenmaal ontwend is, zal het lastig zijn om weer opnieuw aan te vangen. De conditie is weg, de kracht is minder, en daarmee zullen de prestaties slechter zijn dan toen er nog wekelijks intensief werd bewogen. Dat vooruitzicht motiveert niet. Bovendien zijn de ‘feel good’-stofjes, die je aanmaakt met sporten, uit het lichaam verdwenen, waardoor de innerlijke ‘dwang’ om te sporten ook minder aanwezig is. De vraag rijst dus hoe we Nederlanders weer in beweging krijgen? Wij geven vier motivatietips om de draad weer op te pakken. 

  1. Stop met ongezonde voeding
    Wie veel en ongezond, bewerkt en suikerrijk voedsel verorbert, krijgt niet de juiste energie die het lichaam nodig heeft. De slechte voedingsmiddelen zorgen er juist voor dat mensen zich moe, lui, ongemotiveerd en chagrijnig voelen. Bovendien zijn het dikmakers, die dit gevoel nog eens versterken, waardoor de stap om van de luie bank af te komen nóg groter wordt. Voor wie graag fit wil worden, is het eten van gezonde voeding dus een belangrijke eerste stap. Een diëtist of voedingsdeskundige kan je hiermee op de goede weg helpen.
  2. Zorg voor een goede mindset
    Motivatie is een psychologisch spelletje met jezelf. Eigenlijk moet je je brein klaarstomen om gezonde en sportieve keuzes te maken. Dat kun je doen door te visualiseren wat je wilt doen, en daarbij de doelen voor ogen houden die je wilt bereiken. Wie zich instelt op het sporten, zorgt voor meer enthousiasme in het lichaam om ook daadwerkelijk in beweging te komen. Het brein moet dus het ware op dezelfde golflengte komen als je lichaam. Met de juiste mindset (en realistische doelstellingen) krijg je vanzelf meer motivatie om in actie te komen.
  3. Zoek een stok achter de deur
    Wie een teamsport doet of met vrienden afspreekt om te gaan sporten heeft een extra reden om in beweging te komen. Samen sporten heeft dan ook een motiverende werking. Omdat je buiten de intensieve momenten ook gewoon gezellig onder elkaar bent, ben je niet enkel met sporten bezig, en ga je bovendien vaak ongemerkt langer door. Daarnaast kun je elkaar naar een hoger niveau pushen: je wilt je team niet in de steek laten, je wilt niet dat ze door jou verliezen, en je wilt niet onder doen voor een ander.
  4. Registreer je gevoel na het sporten
    Het is best paradoxaal, maar als je weinig energie hebt, moet je juist gaan sporten. Want hoe moe je van sporten ook wordt, het geeft ook energie: het heerlijke en voldane gevoel na een rondje hardlopen of een flinke training in de sportschool geeft je vleugels. Na slechts een half uur intensief sporten maakt je lichaam al endorfine, serotonine en dopamine aan. Deze cocktail van ‘feel good’-stofjes zorgt voor een euforisch en gelukkig gevoel, vermindert pijn, motiveert, en reguleert je gemoedstoestand en eetlust. Bovendien zorgt het ook nog eens voor een betere nachtrust. De stofjes zorgen er zelfs voor dat het kan zijn dat je chagrijnig bent gaan sporten, maar vrolijk weer thuiskomt.

Sporten met een personal trainer voor meer motivatie

Het is een vicieuze cirkel: wie eenmaal weer in het sportritme zit, zal ook sneller gemotiveerd zijn om de deur uit te gaan voor een uurtje sporten. Voor wie al langere tijd stilzit, zal het lastiger zijn om die drempel over te gaan. In dat geval kan een personal trainer voor net dat beetje extra motivatie zorgen. Wie zich inschrijft bij een personal trainer heeft bovendien twee stokken achter de deur, want dan heb je niet enkel een afspraak met jezelf, maar tevens met je coach. Een vakbekwame trainer zal jouw grenzen herkennen, en je motiveren om nét een stapje extra te zetten.

Hulp nodig? Ons service team staat voor je klaar!